Verhalen vangen bij levenseinde
- Jorieke Aarnink

- 31 jan
- 3 minuten om te lezen
Opgeruimd kunnen gaan…
Over verhalenvangen, zachtheid en loslaten aan het levenseinde
Wat betekent het om ‘opgeruimd’ te kunnen gaan?In dit persoonlijke verhaal deel ik hoe het vangen van een levensverhaal aan het levenseinde onverwacht een proces van verzachting, ordening en loslaten werd voor haar.
Ik kwam bij hen thuis in hun warme en gezellige familiehuis, op een rustige avond. We zaten aan de keukentafel, lekker met een kop thee en kruidcake van de bakker. Om ons heen op de keukentafel lagen overal lagen fotoalbums, bakken vol, die zij in deze periode één voor één aan het doorspitten was. Oude kaarten, losse herinneringen, een leven dat zich niet meer liet ordenen, maar wel verteld wilde worden.
De vraag waarmee ik was gekomen was eenvoudig: of ik haar levensverhaal wilde vastleggen. Bij leven. Voor later. Voor haar partner en haar twee puberdochters.
Wat ik toen nog niet wist, was dat dit proces veel meer zou worden dan het vangen van een verhaal. Dat het delen van haar herinneringen ook een vorm van opruimen zou blijken, niet om af te sluiten, maar om met meer zachtheid los te laten.
Ze vertelde. En bleef vertellen. Over haar jeugd, haar ouders, haar huwelijk en de scheiding tien jaar geleden. Over haar dochters, haar liefde voor hen, haar zorgen, haar pijn. Over schuldgevoel, spijt, vragen die ze zichzelf bleef stellen. Soms bladerde ze door een album, soms pakte ze een kaart, soms viel het even stil.
Ik luisterde. En af en toe deed ik iets kleins: ik nodigde haar uit tot zachtheid en mildheid voor zichzelf. Ik vertraagde het gesprek, bracht rust en hielp haar even los te komen van de strengheid waarmee ze zo lang naar zichzelf had gekeken. Door samen te verwoorden wat ze vertelde, ontstond overzicht. Dit alles deed ik niet bewust, ik deed dit intuïtief.
Langzaam werd zichtbaar wat er gebeurde: het delen van haar verhalen werd een vorm van opruimen.
Niet opruimen om iets af te sluiten of netjes af te ronden. Maar zoals je een huis opruimt voordat je vertrekt. Door te kijken: wat hoort bij mij, wat mag blijven, wat mag ik loslaten? Laag voor laag pelden we af. Zoals een ui. Steeds één laag, één thema, één herinnering.
Door haar verhalen hardop te delen en woorden te geven aan wat bedoelt werd, kregen losse ervaringen samenhang. Dingen die jarenlang zwaar en ongeordend hadden rondgezworven, kregen een plek in één groter verhaal. Haar verhaal.
Gaandeweg werd duidelijk dat dit opruimen niet ging over afronden of ‘het goed doen’. Het ging over verzachten. Over leren kijken naar haar eigen leven met meer mildheid dan ze zichzelf ooit had toegestaan. Over zichzelf toestaan dat niet alles opgelost hoefde te worden, dat niet alles anders had gemoeten. Juist die beweging, van zelfverwijt naar zelfliefde bracht haar rust.
In diezelfde periode organiseerde zij haar ode aan het leven-feestje. Een moment om het leven te vieren met de mensen die haar lief waren. Ook daarin mocht ik naast haar staan. Ik hielp haar met persoonlijke teksten: woorden voor haar kinderen, voor haar zus, voor anderen die belangrijk voor haar waren. Woorden die gezegd mochten worden, nu het nog kon.
Ik merkte hoe deze gesprekken haar ruimte gaven. Hoe ze na onze ontmoetingen weer verder kon met alles wat ze nog zo graag wilde doen. Hoe het delen en ordenen haar niet kleiner maakte, maar lichter.
Op een avond zeiden zij en haar partner tegen mij: “Zoveel jaren therapie… en dan een avond met jou, het helpt ons enorm!”
Ik hoorde het en voelde vooral verwondering. Niet het gevoel dat ik iets bijzonders de
ed wat anderen niet kunnen. Wat ik wel zie, is dat dit precies de fase was waarin haar verhaal verteld mócht worden. Dat de tijd dringt. Dat de vraag niet meer is hoe het beter kan, maar hoe je opgeruimd kunt gaan. En dat mijn manier van intuïtief luisteren en verwoorden daar op dat moment bij aansloot.
Misschien was het timing. Misschien was ik toevallig degene die bleef zitten aan die keukentafel, met thee en kruidcake, tussen de fotoalbums en kaarten. Misschien had ze net iemand nodig die hielp filteren, ordenen en herinneren waar het écht over gaat.
In mijn werk als re-integratiecoach gebruik ik vaak dezelfde metafoor: de ui afpellen. Mensen helpen overzicht te krijgen, rust te vinden en weer contact te maken met wat wezenlijk is. Ook daar gaat het zelden over oplossingen, maar over helderheid en betekenis.
Ik zie nu hoe deze lijnen samenkomen. Hoe verhalenvangen aan het levenseinde niet alleen gaat over bewaren, maar ook over loslaten. Over het samenbrengen van een leven tot een verhaal dat iemand kan vasthouden, en daarna misschien durft neer te leggen.
Misschien vraagt de laatste levensfase niet om nieuwe antwoorden, maar om aandacht. Zodat wat gezegd moet worden, gezegd kan worden. En wat zwaar was, lichter mag worden.




Opmerkingen